beilerstraat11.jpgStraatnaam       : Beilerstraat
Huisnummer(s) : 11
Plaats               : 9401 PA  ASSEN

Inleiding
Het omstreeks 1905 gebouwde woonhuis is gebouwd in een voor de bouwtijd karakteristieke overgangsstijl. In 1915 heeft het huis een inwendige verbouwing ondergaan. In de jaren 1940-1942 is het door de Duitsers gebruikt als onderkomen van de Ordnungspolizei en als woning van de Ortskommandant. In de jaren vijftig deed het dienst als kraam­kliniek. Het herenhuis, dat in 1963 werd betrokken door het Drents Landbouw­genootschap is een van de vele waardevolle laat-negentien­de en vroeg-twin­tigste eeuwse panden in de Beiler­straat en ­maakt deel uit van het bescherm­de stadsge­zicht Assen.

Omschrijving
Het pand heeft een verdieping onder een met platte friese pannen gedekt afgeknot schilddak en zadeldak. De voorgevel van het huis is voorzien van een grijs-blauwe, gepleisterde plint met ronde venti­latie-openingen en gevelaccenten van oranje verblendsteen. De asymmetrische voorgevel heeft een drie-assige linker gevelpartij met op de begane grond twee rechtgesloten vensters en een eveneens rechtgesloten deur, alle onder latei en verblendstenen segmentboog. De boven een hardstenen stoepje staande paneeldeur is voorzien van smeedijzeren art nouveau raamijzers. Op de verdieping bevinden zich twee vensters als die op de begane grond, alsmede een porte brisée met bovenlicht, die uitkomt op een houten balkon. Deze steunt op één korbeel en is voorzien van ijzeren hekjes tussen met art nouveau decoraties versierde houten hoekbalusters. Het risalerende, iets hoger opgaan­de rechter geveldeel is een topgevel met op de begane grond twee vensters als in de linker gevelpartij, maar met met sluit- en aanzetstenen, die door een speklaag met elkaar zijn verbonden. In de linker zijkant van het risaliet bevindt zich tevens een smal, op de voordeur georiënteerd venster. Op de verdie­ping staat een brede, getoogde vensterpartij, waarvan de aanzetste­nen door middel van een speklaag zijn verbonden met op de verdie­ping aangezette hoeklisenen. De geveltop heeft kraagstenen aan de dakaanzet, geprofileerde deklijsten en een uitgemetselde tuit met ijzeren windvaan. Een grote verblendstenen segmentboog is doorge­trokken vanuit de lisenen en wordt in het midden onderbroken door de vensterboog met sluit- en aanzetstenen van het getoogde zolder­venster.
De linker zijgevel, met een kelder­venster in de geplies­ter­de plint en een hardstenen plaat met 'brie­ven', was oorspronke­lijk voorzien van een venster, maar is nu blind. Aan de achterzijde bevindt zich een grote uitbouw met verdieping onder plat dak met een eveneens onder plat dak staande aanbouw. De geveltop van de achtergevel is even­eens voorzien van kraagstenen en een tuit.

Waardering
Het pand heeft een nog gave hoofdvorm en is een karakteristiek specimen van vroeg-twintigste eeuwse overgangsarchitectuur, waar­door het architectuurhistorische waarde heeft.
Vanwege het "oor­logsverleden" is het ook van enige historische betekenis. Als beeldon­dersteu­nend onderdeel van de waardevolle laat-negentiende en vroeg-twin­tigste eeuwse bebouwing aan de Beilerstraat heeft het pand tevens ensem­blewaarde.